Klassenfeest! Start digibordles

Klassenfeest!

Start digibordles

Lesdoelen

  • De leerlingen ervaren wat er allemaal nodig is om een klassenfeest te organiseren.
  • De leerlingen onderzoeken welke kwaliteiten nodig zijn om een klassenfeest te organiseren.
  • De leerlingen ontdekken of deze kwaliteiten bij hen passen.

Benodigde materialen

  • werkblad (één per leerling)
  • papier (A4-formaat; één per groepje)
  • pennen
  • kleurpotloden

Voorbereiding

Zorg voor voldoende kopieën van het werkblad. Bekijk het digitale leerlingenmateriaal.

Opzet van de les

Inleiding

  • 1 min
  • Lees met de leerlingen de inleiding van de les op het digibord.

Verwonderen

Opdracht 1

  • 10 min
  • Digibord en Gesprek
  • Klassikaal
  • Bespreek klassikaal de vragen over het organiseren van een feestje (zie digitaal leerlingenmateriaal). Bekijk met de leerlingen de afbeeldingen van de kwaliteiten (zie digitaal leerlingenmateriaal). Laat de leerlingen vier kwaliteiten kiezen die handig zijn om te hebben als je een feest moet organiseren.

Verdiepen

Opdracht 2

  • 30 min
  • Teken- en knutselopdracht
  • In tweetallen
  • Deel per tweetal een A4’tje en kleurpotloden uit. De leerlingen bespreken in tweetallen de punten 1 tot en met 5 die belangrijk zijn bij het maken van een uitnodiging voor een klassenfeest (zie digitaal leerlingenmateriaal). Daarna maken zij samen een uitnodiging.

Opdracht 3

  • 10 min
  • Teken- en knutselopdracht
  • In tweetallen
  • De leerlingen denken in tweetallen na over geld dat nodig is om hun feest te organiseren. Ze bespreken de vragen 1 tot en met 6 op het digibord (zie digitaal leerlingenmateriaal) en schrijven de antwoorden op de achterkant van hun uitnodiging.

Betekenis geven

Opdracht 4

  • 5 min
  • Gesprek
  • Klassikaal
  • Bekijk met de leerlingen nogmaals de afbeeldingen van de kwaliteiten die bij opdracht 1 aan bod kwamen. Welke kwaliteiten zijn óók handig om te hebben als je een feest wilt organiseren?

Opdracht 5

  • 20 min
  • Werkblad/logboek
  • Individueel
  • De leerlingen vullen het werkblad in. Het zijn persoonlijke evaluatievragen over de opdrachten uit deze les. De leerlingen denken ook na over hun eigen kwaliteiten.

Huiswerkopdracht

  • Laat de leerlingen een kort interview houden met iemand die zij kennen die veel organiseert of iemand die voor zijn/haar werk met geld bezig is. Laat ze de drie vragen stellen, die zij op hun werkblad hebben bedacht.